Poollicht

 

Poollicht is meestal alleen zichtbaar rondom de polen. Het wordt ook wel aurora genoemd, afgeleid van de Romeinse godin van de dageraad. Aurora’s beginnen meestal kort na middernacht en zijn te zien in verschillende vormen en sterkten. Vanuit de ruimte is poollicht te zien als een reusachtige ring van gloeiende deeltjes rond de magnetische polen. Vaak zijn ze rood of groen gekleurd. Poollicht is zowel op het noordelijk halfrond (Aurora Borealis), als het zuidelijk halfrond (Aurora Australis) te zien. Meestal is er ongeveer 7 dagen per jaar poollicht zien. Soms kan dit oplopen tot 15 dagen, als er dat jaar grote zonneactiviteit is. Bij grote zonneactiviteit is het poollicht ook op de lagere geografische breedten te zien. 

Aurora’s hangen samen met een grote zonneactiviteit. Ze ontstaan wanneer geladen deeltjes (elektronen), die vrijkomen bij uitbarstingen op de zon, de dampkring binnen komen. Het magnetisch veld van de aarde zorgt ervoor dat de deeltjesstroom bij de aarde wordt afgebogen en met verhoogde snelheid de atmosfeer binnendringt bij de polen. De deeltjesstroom heeft heel veel energie. In het bovenste gedeelte van de atmosfeer kan deze energie overgedragen worden aan zuurstof en stikstof moleculen. Zuurstof en stikstof moleculen kunnen de energie vervolgens uitstralen als gekleurd licht. De kleur van het licht wordt bepaald door het soort molecuul. Zuurstof moleculen veroorzaken, afhankelijk van de luchtdruk, rood of groen licht. Stikstof moleculen daarentegen veroorzaken een blauwe kleur. Dit verschijnsel wordt het poollicht genoemd. 

Poollicht komst slecht onder bepaalde voorwaarden voor. De uitbarsting op de zon moet naar de aarde toe gericht zijn. Verder is het alleen maar zichtbaar als het buiten donker is en als het onbewolkt is